De mier en het aardvarken, een miereneter, ontmoeten elkaar in de eerste aflevering. De miereneter moet de mier opeten. De mier is klein, maar slim en sterk.
De mier neemt vitaminepillen en hij wordt ontzettend gespierd.
De mier viert een dagje aan het strand. De blauwe miereneter is er ook en hij is de mier op het spoor.
Na een ongeluk komen de mier en de miereneter in het ziekenhuis terecht. Daar ligt ook een hond met een gebroken poot.
De mier heeft een motorfiets. De miereneter moet er van alles aan doen om hem te snel af te zijn.
Het blauwe aardvarken heeft zijn zinnen gezet op de mier, maar hij is niet de enige met trek.
De mier en de miereneter zitten allebei op een eiland. Het ligt maar een klein stukje van elkaar af, maar het valt de miereneter niet mee om er te komen.
De broederschap van het bos is een hechte club en de mier is lid. Als de mier in nood komt en het magische woord zegt, springen zijn broeders bij.
De miereneter probeert de mier te pakken te krijgen met zijn zuigkracht. Maar soms vangt hij wat anders dan mieren.
De miereneter vindt een blik met chocolade overgoten mieren. Hij is niet de enige die er trek in heeft.
De mier krijgt hulp van een termiet.
Een mier is onderdeel van een wetenschappelijk onderzoek en wordt beschermd door de professor.
De miereneter bouwt zelf een machine die hem verteld waar de mieren zijn.
De miereneter probeert zelfs het huis van de mier binnen te dringen om hem te pakken te krijgen.